- 16 november, 2007 – 10:19 am
- Geplaatst in poëzie
- Getagged , juweel
Ze toont zich rauw
en naakt, onverteerbaar
als bloem gemengd
met ranzige boter,
als een glijmiddel
met kruimels, waardoor
de huid verbrandt.
Getooid met breinaalden
om engelen te maken
toont ze zich, onverbloemd,
als een geschenk voor niemand.
Ik behandel hen met zachtheid
want ze vergalopperen zich,
hopend dat ‘t het leven loont
van wie hen zadelt.
Ik leg hen geen strobreed
in de weg, ‘k streel hun manen
totdat ze rustig worden.
Ik fluister hen de mooiste veulens toe
en laat ze steigeren. In mijn slaap
gaan nachtmerries eerder heen
dan dat ze afscheid nemen.
- 7 november, 2007 – 7:10 pm
- Geplaatst in poëzie
- Getagged nest
Zo helder zien we ‘t zelden: eerder
toevallig, bij het buigen van het hoofd
wanneer we ontstemmig staren naar
wat voor onze voeten verloren loopt.
Dat, wat eigenlijk de gewoonste zaak
ter wereld is, wordt vanuit de hoogte,
als op een onduidelijke wegenkaart,
een toevluchtsoord van kleur en vorm;
een nest zonder jong, verplaatsbaar
tot in alle hoeken van de kamer. Of hoe
een broeder meer dan zorgen baart.
Zo kwam de nacht over ons:
als versgebakken brood, als iets
dat we niet konden breken,
want te warm van woede.
Als een koppel stervende dieren,
elk op onze hoede, strooiden we
hongerige woorden in het rond.
Zo verscholen we onszelf
met een boos vertrouwen
in elkander, elk met schuim
en as om de mond.
Hoogste tijd om plaats te ruimen,
te vergeten wat men denkt
te zien en onderscheid te maken
tussen schaduw en een diepe slaap.